
Federaal transitiefonds: een logische eis bij een transitie van deze omvang
Zoals gebruikelijk zijn de begrotingsonderhandelingen in deze oktobermaand in volle gang. Tegen de achtergrond van een moeilijke begrotingssituatie en de financiële problemen waarmee ziekenhuizen al jaren te kampen hebben, is het van essentieel belang om het debat ten gronde te voeren en oplossingen te vinden die onze instellingen toelaten kwalitatief hoogstaande en toegankelijke zorg te blijven bieden aan onze bevolking, zoals Dieter Goemaere, directeur Ziekenhuizen bij GIBBIS, duidelijk aangeeft.
“Ziekenhuizen spelen een cruciale rol voor de volksgezondheid en merken een toename in hun activiteiten. Op tien jaar tijd zijn het aantal ziekenhuisopnames, vooral dan in dagziekenhuis, en het aantal bezoeken aan de spoedgevallendienst met 25% gestegen. Demografische ontwikkelingen hebben nu eenmaal een impact op de behoeften van de bevolking op het vlak van gezondheidszorg. Daarnaast spreekt het voor zich dat we ‘appropriate care’ zullen ondersteunen, wat inhoudt dat we zullen trachten ‘low value care’ (zorg die te veel of te weinig wordt ingezet) te beperken en praktijkvariaties onderzoeken. Hierbij zal het echter meer gaan om maatregelen op medisch en farmaceutisch vlak dan om keuzes op het gebied van ziekenhuisbeheer,” geeft Dieter Goemaere al meteen aan.
Appropriate care in ziekenhuizen: ja, maar met een effect op langere termijn
“De ingrijpende hervormingen die momenteel worden doorgevoerd, bijvoorbeeld in het ziekenhuislandschap, zijn een vorm van ‘appropriate care’, maar zullen geen onmiddellijk effect hebben. Vandaag moeten we investeren om in de toekomst te kunnen genieten van een efficiënter systeem. Investeringen gaan vooraf aan efficiëntiewinst; daarom dienen deze hervormingen financieel te worden ondersteund. Het gaat dus niet om korte termijn maatregelen om de begroting te stutten, maar wel om maatregelen die het mogelijk moeten maken om met hetzelfde aantal medewerkers en dezelfde middelen meer mensen te verzorgen,” stipt de directeur Ziekenhuizen van GIBBIS aan.
De cijfers uit de MAHA-studie van Belfius uit 2025 spreken voor zich: de financiële situatie van de Brusselse ziekenhuizen is nog slechter dan die van de Waalse en Vlaamse ziekenhuizen. Deze situatie is des te zorgwekkender omdat de Brusselse ziekenhuizen ook een nationale taak vervullen: bijna vier op de tien opgenomen patiënten zijn afkomstig uit een ander gewest. De ziekenhuissector heeft ook al bijgedragen aan de begrotingsinspanningen: “Vorig jaar hebben we, via honoraria, farmaceutische uitgaven of rechtstreeks in de ziekenhuiszorg, een besparing van 200 miljoen euro voor onze rekening genomen. Dat is niet niks,” onderstreept Dieter Goemaere.
Federaal transitiefonds onontbeerlijk
Een van de eisen van GIBBIS bij de begrotingsbesprekingen is de oprichting van een transitiefonds. “Dit past vooral binnen de hervorming van het ziekenhuislandschap, hoewel er ook ondersteuning nodig zal zijn bij de invoering van de nieuwe nomenclatuur. Zo zullen bijvoorbeeld de softwarepakketten moeten worden aangepast en zullen de mensen op de werkvloer moeten worden opgeleid. De FRZV raamt deze eenmalige investering op maar liefst 63 miljoen,” licht Dieter Goemaere toe.
Wat het ziekenhuislandschap betreft, staan we voor een hervorming die niet alleen van grotere omvang is, maar zich ook over een langere periode uitstrekt. “Enerzijds gaat het om de herbestemming van locaties, maar ook om het samenvoegen van activiteiten, fusies en overplaatsing van personeel. Beide gaan gepaard met transformatiekosten. De transitie op het gebied van infrastructuur valt zonder meer onder de bevoegdheid van de deelstaten. Wel achten we een federaal transitiefonds onontbeerlijk om de kosten van de organisatorische transformatie (zoals de harmonisering van elektronische patiëntendossiers) en voor het personeel te dekken, maar ook om tijdelijk parallelle structuren op te zetten om de dienstverlening aan de bevolking tijdens de transitie te waarborgen,” legt de econoom uit.
Noodzaak van een transitiefonds nu al aanvaarden
“Laten we niet vergeten dat elke grote ziekenhuishervorming in de geschiedenis van ons land financiële steun heeft genoten van de overheid. Wat dit federale transitiefonds betreft, is het van belang dat er geen beroep wordt gedaan op onze huidige werkingsmiddelen, omdat we zowel onze dienstverlening aan de bevolking moeten blijven verzekeren als ons moeten aanpassen. Bovendien heeft de sector behoefte aan enige stabiliteit qua financiering en regelgeving om de talrijke hervormingen die momenteel aan de gang zijn te kunnen opvangen,” merkt Dieter Goemaere op.
GIBBIS stelt dan ook een duidelijke eis: het principe van een federaal transitiefonds nu al aanvaarden en de middelen ervoor vastleggen zodra de ziekenhuizen hun plannen hebben kunnen bepalen voor deze nieuwe hervorming van het ziekenhuislandschap.
Europese verplichtingen niet uit het oog verliezen
Naast de lopende hervormingen op Belgisch niveau mogen we ook de Europese verplichtingen niet uit het oog verliezen, want die wegen zwaar op onze instellingen. “Op zich zijn we niet tegen deze Europese verplichtingen, omdat ze vaak de veiligheid van de patiënt ten goede komen. Maar normen opleggen zonder daarvoor de middelen ter beschikking te stellen, blijft heel vrijblijvend. Ziekenhuizen zullen zeker hun uiterste best doen. Of het nu gaat om cyberveiligheid, farmaceutische normen of de nieuwe nomenclatuur: de verplichtingen worden steeds talrijker, terwijl de financiering ontoereikend blijft. Wat cyberveiligheid betreft, zou een mogelijke oplossing kunnen zijn om intensieve samenwerkingsverbanden met het ministerie van Defensie aan te gaan,” stelt de directeur Ziekenhuizen van GIBBIS voor.
En hij vervolgt: “Bovendien kan de omzetting van Europese normen in de Belgische wetgeving soms meer of minder dwingend zijn. Vaak wil België het voortouw nemen zonder dat de middelen daarvoor beschikbaar zijn. We moeten hier duidelijk over zijn: men moet weten wat men wil. Ofwel zorgt men voor de nodige middelen, ofwel moeten we minder ambitieus en iets pragmatischer te werk gaan.”
Groeinorm zoals bepaald in het regeerakkoord
Als we het tot slot over de groeinorm hebben, mogen we niet vergeten dat deze gekoppeld is aan de evolutie van de behoeften bij de bevolking en niet aan de economische groei. Bovendien is het algemeen bekend dat een gezonde bevolking een positieve impact heeft op de economische ontwikkeling.
Voor GIBBIS moet de groeinorm zoals die in het regeerakkoord is vastgelegd en toegezegd, worden aangehouden. “Mocht de regering besluiten hierin verandering te brengen, dan mogen de zorgverleners hier niet de dupe van worden. Ze geven gewoon gehoor aan de toenemende behoeften bij de bevolking. Als er echt iets moet veranderen, moet dat meer op systeemniveau gebeuren. De terugbetalingen zullen moeten worden verlaagd. Om het systeem levensvatbaar te houden, moeten bijvoorbeeld de voordeel van de verhoogde tegemoetkoming toegekend worden aan de juiste personen. Maar hoe bepaalt men wie daar werkelijk behoefte aan heeft? Dat is een voorbeeld van een politieke keuze die moet worden gemaakt,” geeft de econoom nog mee.
“Omdat de ziekenhuizen hoe dan ook op hun tandvlees zitten, heeft elke maatregel nu al zijn weerslag op de ziekenhuizen. Wanneer de energieprijzen stijgen, worden de ziekenhuizen hierdoor zwaar getroffen. De bezuinigingen op de honoraria hebben ook gevolgen voor onze instellingen. Als de BTW zou stijgen, zullen ook de ziekenhuizen hierdoor zwaar worden getroffen. Er zijn voorbeelden te over. Van ziekenhuizen wordt tegenwoordig verwacht dat ze investeren, hun organisatie aanpassen en tegemoetkomen aan de toenemende zorgbehoeften. Ze kunnen niet tegelijkertijd nog meer bezuinigingen dragen,” zo besluit Dieter Goemaere.
